En als wij nu geen Engels spreken?

Laatst kreeg ik een vraag van een van de ouders. ‘Wij spreken thuis eigenlijk helemaal geen Engels, is dat van invloed op de tweetaligheid van mijn kind?’

In zijn algemeenheid is daar wel iets over te zeggen. Ook als je thuis geen Engelse spreekt / kunt spreken, kan een kind heel goed tweetalig worden. Ten eerste is het dan natuurlijk van belang dat je kind via school voldoende aanbod in de tweede taal krijgt. Dat is immers waar ons TPO project om draait. Er zijn echter ook voldoende voorbeelden bekend van kinderen die zich een tweede taal aanleren doordat ze dit via spel en contacten met hun vriendjes en vriendinnetjes door de jaren heen opbouwen. Het gaat dan vooral om ‘spreektaal’. Ook zijn er voldoende voorbeelden van kinderen die een tweede taal leren doordat ze in het weekend naar een ‘zaterdag of zondag school’ gaan.

Het zou echter een onjuiste veronderstelling zijn als je er van uit gaat dat een kind een tweede taal volledig gaat beheersen doordat er aanbod buitenshuis plaats vindt. Het allerbelangrijkste (en daarmee het tweede punt) is namelijk de houding en aanmoediging die een kind ontvangt en voelt van de ouders, terwijl het probeert een tweede taal onder de knie te krijgen. Risico hierbij is het omslagpunt van interesse en belangstelling naar bezorgdheid en enthousiasme naar opgelegde druk. Wanneer u als ouder laat merken dat een tweede taal leren spreken belangrijk is dan neemt uw kind dat idee over. Wanneer u laat merken dat u deze ontwikkeling van belang vindt voor het toekomstige succes van uw kind (in werk of leven) dan zal uw kind dat idee ook overnemen.

Daarnaast kunt u deze ontwikkeling nog stimuleren door het gebruik van DVD’s, posters, boekjes, video’s, CD’s, internet en TV. Maar… een complimentje op zijn tijd werkt nog steeds ongelooflijk goed.

Langzamerhand zullen onze kinderen daardoor verder groeien. Allereerst door luisteren en spreken en later door lezen en schrijven. Aardig in dit verband is dat ook wij moeten constateren dat deze scheiding moeilijk te regisseren is. Wij (de deelnemers aan de pilot) zijn ervan uitgegaan dat we lezen en schrijven pas aanbieden in (halverwege) groep 4. Eerst moet immers het lezen en schrijven in het Nederlands op voldoende niveau worden gebracht. Maar zoals wel vaker halen kinderen ons daarbij simpelweg in. Nu al merk je dat kinderen uit zichzelf gaan lezen (tot hele boekjes aan toe) en dat er ook al automatisch Engelse woordjes geschreven worden. We blijven die ontwikkeling met zo nu en dan grote verbazing volgen… (NB Bron: C.Baker-A parents’and teachers’guide to bilingualism.)

Afgelopen week kregen we de rector van de VMBO afdeling van het Martinus College op bezoek. Heel leuk dat er ook interesse vanuit het Voortgezet Onderwijs voor ons project is! Na het bijwonen van enkele lessen en een rondleiding door de kinderen was ook voor hem duidelijk dat er hier sprake is van een enorme ontwikkeling en verandering. Een bezoek dat aanleiding is tot het verder uitbouwen van deze contacten.